Nog steeds: Zorg om het schoolvak Nederlands
Amsterdam, 4 december 2003
Dames en Heren van de vaste Kamercommissie voor Onderwijs,
Ruim een maand geleden (op 20 oktober jl.) hebben we u per post en per mail op de hoogte gesteld van onze actie 'Zorg om het schoolvak Nederlands'). Die actie ondervond opmerkelijk veel bijval: duizend leraren van HAVO/VWO hebben de moeite genomen schriftelijk hun adhesie te betuigen. Ook alle Opleidingen Nederlands van de universiteiten en diverse instellingen op het terrein van de Nederlandse taal en literatuur hebben hun steun betuigd.
De actie had tot doel de minister te bewegen een commissie in te stellen om de inhoud van het schoolvak Nederlands te evalueren. Daar is namelijk alle reden toe gezien de veranderingen in de inhoud van dat schoolvak die het gevolg zijn van veranderingen in de organisatie van het voortgezet onderwijs en in de eindexameneisen. Kort gezegd komt het erop neer dat er steeds meer aandacht besteed wordt aan vaardigheden die, hoewel op zichzelf belangrijk en nuttig, weinig met het specifieke vak Nederlands te maken hebben. Dat heeft geleid tot een onaanvaardbare verschraling van de inhoud van het onderwijs, die schadelijke gevolgen zal hebben voor de ontwikkeling van een multiculturele samenleving en voor het integratieproces in het algemeen. Kennis van de Nederlandse taal en literatuur is meer dan ooit van wezenlijk belang.
Deze en andere overwegingen hebben de minister tot nu toe echter niet kunnen overtuigen; zij nam onze actie voor kennisgeving aan. Omdat de zaak ernstig genoeg is kunnen we ons daar niet bij neerleggen. Wij verzoeken u daarom nogmaals dringend goede nota te nemen van de onvrede die er bij vele docenten Nederlands heerst over de inhoud van hun vak. Wij hebben van de minister en haar ambtenaren de indruk gekregen dat zij aarzelingen hebben over de representativiteit van de steun voor onze actie, doordat die niet afkomstig is van een beroepsorganisatie als de Vereniging van Leraren in Levende talen. Daarom menen wij er goed aan te doen u te wijzen op het feit dat het bestuur van de Vereniging van Leraren in Levende talen de leden over dit onderwerp niet geraadpleegd heeft. Daartegenover hebben wij alle reden om aan te nemen dat de steun die de leraren aan onze actie gegeven hebben, getuigt van een breed gevoelde onvrede. Ook uit diverse recente krantenartikelen blijkt een toenemende bezorgdheid over het taalgebruik en het onderwijs in het Nederlands.
We hopen dat we u voldoende hebben doordrongen van de ernst van de situatie en dat u er een politieke actie van wilt maken, die zal leiden tot de instelling van een inhoudelijke evaluatiecommissie. Wij zouden het zeer op prijs stellen van u een reactie te mogen ontvangen. Uiteraard zijn wij desgewenst graag bereid tot nadere informatie en overleg.
Met vriendelijke groet, namens de LVVN
Dr. Arie Verhagen, voorzitter
Dr. Jan Stroop